Alles over een Gezonde Leefstijl Op School

Tien tips voor de Gouden Weken in het basisonderwijs

Na elke vakantie doorloopt een groep bepaalde fasen in het proces van groepsvorming. De eerste weken aan het begin van het schooljaar worden de Gouden Weken genoemd. Deze weken zijn bij uitstek geschikt om een fundament neer te zetten voor een goede groepsvorming en fijne sfeer. Stichting School & Veiligheid geeft tien tips.

Wat zijn de Gouden Weken?

De Gouden Weken zijn de eerste weken van het schooljaar, waarin de basis wordt gelegd voor een positieve groepsdynamiek. In deze periode ontstaan de groepsnormen, relaties en de sfeer in een klas. Door bewust aandacht te besteden aan groepsvorming kunnen leraren bijdragen aan een positief pedagogisch klimaat, sociale veiligheid en het voorkomen van pestgedrag. Na de kerstvakantie bieden de Zilveren Weken een nieuw moment om de groepsdynamiek te versterken en afspraken met de klas te hernieuwen.

Groepsfases en groepsdynamiek

Welke fases een groep doorloopt en wat jouw rol daarin is, lees je in het artikel Groepsdynamica in de klas van Stichting School & Veiligheid. Je krijgt hierin een korte uitleg over de fases bij het vormen van een groep. Ook leer je hoe groepsprocessen werken en hoe je deze als leraar kunt beïnvloeden. Daarnaast leer je hoe de fases elkaar beïnvloeden en wat er gebeurt als je wel of niet ingrijpt.

Tip 1: Neem de tijd om elkaar echt te leren kennen

Neem in de Gouden Weken de tijd om elkaar écht te leren kennen. Zorg ervoor dat leerlingen elkaar leren kennen, maar ook jou als leraar. Dit versterkt de onderlinge verbondenheid en zorgt voor meer begrip en empathie naar elkaar. Trek daarom voldoende tijd uit voor werkvormen rondom kennismaking. Zitten de leerlingen al langer bij elkaar in de klas? Focus op elkaar nog beter leren kennen; wat weten ze bijvoorbeeld nog niet van elkaar?

Tip 2: Doe zo veel mogelijk groepsvormende activiteiten

De eerste zes weken van het schooljaar worden de groepsnormen en onderlinge verhoudingen bepaald. Groepsvormende activiteiten dragen bij aan het neerzetten van een positief groepsklimaat. Neem aan het begin van het schooljaar daarom elke dag de tijd voor groepsvormende activiteiten. Zoek je inspiratie? Op weektegenpesten.nl vind je voldoende lesmaterialen hiervoor.

Tip 3: Stel samen de groepsregels op

Stel samen met de klas de groepsregels op. Als je deze samen met je leerlingen opstelt zorg je ervoor dat het gezamenlijke normen zijn en leerlingen zich er sneller aan conformeren. Bespreek samen ook het doel van de regels en formuleer ze positief. Vijf à tien regels zijn voldoende. Het is goed om hierbij ook afspraken te maken over de online omgangsvormen. Bespreek en evalueer de afspraken op regelmatige basis. Wat gaat goed? Wat is nog moeilijk? Hoe kunnen we elkaar hierbij helpen? Zijn er aanpassingen van de regels nodig?

Tip 4: Zorg ervoor dat klasgenoten veel met elkaar samenwerken

Door veel met elkaar samen te werken, leren leerlingen elkaar beter kennen en begrijpen. Daarnaast versterk je het wij-gevoel in de klas als ze samenwerken aan een gezamenlijk doel. Leerlingen kunnen op verschillende manieren leren samenwerken, zoals door coöperatieve werkvormen of spellen te gebruiken en aan gezamenlijke projecten te werken. Hierbij is het natuurlijk wel van belang om het samenwerken in wisselende samenstellingen te laten gebeuren, zodat zoveel mogelijk klasgenoten ervaring opdoen in het samen werken met elkaar.

Tip 5: Ontwikkel rituelen met elkaar

Een ritueel is een gebruik dat steeds terugkeert bij een bepaalde gebeurtenis. Bijvoorbeeld elkaar op een bepaalde manier begroeten als je ’s morgens de klas binnen komt. Of ’s ochtends altijd starten met een verhaal of een gesprek. Een ritueel doet heel veel; het zorgt voor herkenbaarheid en structuur en geeft leerlingen de mogelijkheid even los te komen van het alledaagse. Leerlingen onthouden zo’n moment niet alleen, maar het versterkt ook het gemeenschapsgevoel omdat ze dit moment met elkaar beleven.

Tip 6: Werk aan een warme band met je leerlingen

Een warme leraar-leerling relatie bevordert een positieve sfeer in de klas en leidt tot meer positief gedrag bij leerlingen. Hoe kun je je leerlingen in de Gouden Weken beter leren kennen? Neem de tijd en toon oprechte interesse in elke leerling: wie zijn ze, wat is de gezinssituatie, welke hobby’s en talenten heeft elke leerling, wat houdt hen bezig? Hanteer een open houding, luister vooral en stel vragen. Door één-op-ééntijd met je leerlingen en leerlingen te ‘prijzen’ versterk je de band.

Tip 7: Benadruk positief gedrag

Door positief gedrag te benadrukken, versterk je het vertrouwen van leerlingen in jou als leraar en voorkom je verstorend gedrag in de klas. Wanneer je gewenst gedrag benoemt, moedig je leerlingen aan dit gedrag te herhalen, zelfs als het om kleine dingen gaat. Het is effectiever om gewenst gedrag te stimuleren, dan om ongewenst gedrag te corrigeren. Geef daarom meer complimenten dan negatieve kritiek.

Natuurlijk betekent dit niet dat je ongewenst gedrag niet mag begrenzen, maar doe dit op een manier die de relatie met de leerling behoudt. Dit doe je door het gedrag of de taal te begrenzen en direct door te vragen: “Wat is er aan de hand dat je je zo gedraagt?” Toon oprechte interesse en laat zien dat je het gedrag afkeurt, niet de leerling zelf. Dit stelt duidelijke grenzen en helpt de leerling om zijn gedrag te verbeteren.

Tip 8: Wees zelf het voorbeeld

Leerlingen nemen een voorbeeld aan jou als leraar. Ze observeren jouw interacties met klasgenoten en nemen vaak gedrag van jou als leraar over. Jouw eigen gedrag beïnvloedt dus hoe leerlingen denken dat ze zich moeten gedragen. Geef het goede voorbeeld in de omgang met elkaar en houd jezelf ook aan de gemaakte groepsafspraken.

Tip 9: Leer ouders kennen

Bij elk kind horen ouders en/of verzorgers, die vervullen de belangrijkste rol in hun leven. Wil je het kind kennen, investeer dan ook in het oudercontact. Een goede samenwerking tussen jou en de ouders van je leerlingen draagt positief bij aan de ontwikkeling van kinderen. Investeren in dit partnerschap is daarom ook even belangrijk als de inzet op leerlingactiviteiten. Maak aan het begin van het schooljaar daarom persoonlijk contact met alle ouders, investeer in kennismaking en bespreek wederzijdse verwachtingen.

Tip 10: Informeer leerlingen over pestgedrag en bespreek waar ze terecht kunnen als ze hiermee te maken krijgen

Pesten komt op elke school voor. Bespreek met leerlingen wat pesten is, welke effecten het heeft, welke rollen er zijn en wat ze kunnen doen als ze pesten opmerken. Daarnaast moeten leerlingen weten bij wie ze terecht kunnen op school als ze te maken hebben met een pestprobleem. Ze moeten erop kunnen vertrouwen dat het pestprobleem serieus wordt aangepakt. Zorg daarom dat het aanspreekpunt pesten duidelijk is voor zowel leerlingen als ouders. Denk als aanspreekpunt bijvoorbeeld aan de interne vertrouwenspersoon.